Gods Bouwwerk in de Geest De ware eindtijd kerk

Renzo de Boer
Geschreven door: Renzo de Boer
16 min leestijd

Door Renzo de Boer en Paul Baars

Wat is een Kerk ?

De Kerk, wat is dat een Kerk ? Is het een gebouw waar mensen samen komen om te bidden, om te zingen, om te luisteren naar een preek en orgelmuziek ? Dat is wel het beeld wat bij de meeste mensen wordt opgeroepen als je ze zou vragen, “wat is een kerk ?”

Vanaf de tijd van het midden van de eerste eeuw na Christus hebben mensen, die beleden Christus Jezus te volgen, gebouwen neergezet om daarin te aanbidden, om te zingen en om naar preken te luisteren. Zij bouwden gebouwen die gewijd waren aan het samenkomen van de gelovigen.

Deze samenkomsten kregen in de loop der eeuwen een steeds strakkere liturgische omlijning. Bij tijd en wijle werd het liturgisch concept wat opgepoetst met de poetsdoek van trend en moderniteit. Kerken werden kathedralen, Gregoriaans gezang werd orgelmuziek, Nieuwe inzichten kregen een plaats, oude inzichten werden verwijdert of verdwenen in de marge.

Er kwamen nieuwe instrumenten en er volgde Beeldenstormen. Nieuwe kostuums volgden veranderingen van stijl en dienden om de ene stroming van de andere te onderscheiden.

De Reformatie

Met de Reformatie beloofde alles anders te worden. De Bijbel kreeg weer de plaats van gezag, zoals God het ontworpen had. Latijns werd vervangen door de taal van het volk en psalmzingen werd aangevuld met nieuwe vormen van aanbiddingsmuziek. Veel werd in die tijd hersteld, veel werd teruggewonnen.

Na de Reformatie volgde afscheiding op splijting, waaruit de vele denominaties van de huidige tijd ontstaan zijn. Aanbiddingsmuziek werd Gospel en Gospel werd opwekkingsmuziek… Veel van de nieuwe stromen lieten het herwonnen ontzag voor het Woord van God weer los en rationele Bijbelstudie werd vervangen door het gedreven worden door emotie, gevoel en een verlangen naar wonderen, tekenen en zegeningen in het heden.

De kansel werd vervangen door het podium, het orgel door een band en in veel gevallen werden “de herders van de kudde vervangen door clowns, die de geiten te vermaken”. (banner of Truth, Oktober 1888, Charles Spurgeon)

De oude vorm, van toegewijde gebouwen, met toegewijde dienaren en bepalende hiërarchische structuren veranderde echter nauwelijks.

De kerk wordt nog steeds gezien als een gebouw waar mensen samen komen om te luisteren naar een preek en naar muziek…Er veranderde veel, maar toch bleef alles in essentie onveranderd, zowel in vorm als in functie,  sinds de tijd van de eerste eeuw.

De eerste gemeenten

Nu is het niet mijn plaats om het samenkomen in een daartoe gewijd gebouw als goed of slecht te bestempelen, er is zeker veel wat voor zo’n structuur pleit en wanneer de gepredikte en beleden leer van zo’n kerk zuiver is (in harmonie met de Bijbel) en de levenswijze van haar leden in overeenstemming is met de Weg van Christus, en wanneer het doel en de uitwerking van zo’n gemeente de Glorie van God is, dan is zo’n samenkomst een zegen en goed en zeer prijzenswaardig.

Het bouwen van gewijde gebouwen en het scheppen van complexe bestuursstructuren is echter niet hoe de eerste christelijke gemeenten zich vormden. En het is niet hoe Jezus het opbouwen van Zijn Kerk omschreef.

Kerkvaders

In de tijd van de kerkvaders (de eerste generatie leiders van de kerk) kwamen de eerste gemeenten als huisgemeente bij elkaar, niet in daartoe apart gezette gebouwen, maar in de huizen van de gelovigen.

Ieder deelde mede in de vreugde, in de aanbidding en in de lasten. Paulus schreef hierover aan de gemeente in Korinthe dat wanneer zij samenkwamen, zij allen een psalm, of een onderwijzing, of een andere taal, of een openbaring, of een uitleg zouden delen. Paulus gaf daarbij aan dat, wat er ook gebracht werd door een gelovige, het altijd tot opbouw van die gemeente moest zijn. (1 Korinthe 14:26).

Er werden geen tienden geheven, om onnodige en niet voorgeschreven bestuurlijke lagen in stand te houden, om onnodige gebouwen te onderhouden of niet voorgeschreven instrumenten aan te schaffen. Zij hadden echter alles gezamenlijk en hielpen elkaar wanneer er nood was. Zelfs Paulus werkte met zijn handen, om in zijn levensonderhoud te voorzien. (1 Korinthe 4:12)

De eerste gemeente

De allereerste gemeente van Christus werd gevormd door de groep die, op het Pesach feest, voor het avondmaal in de bovenzaal van een huis (Lukas 22:10-12) bij elkaar kwamen, samen met Jezus. Zij kwamen niet bij elkaar in de Tempel, wat op dat moment de centrale plaats van aanbidding was, nog in de synagogen, want zij waren daar al langer niet welkom. In plaats daarvan kwamen zij bij elkaar in iemands huis en namen daar het brood en de wijn als symbool en nagedachtenis aan het lijden en sterven van Christus.

De uitstorting van de Heilige Geest

Na de kruisiging, opstanding en hemelvaart van onze Heer, op de vijftigste dag na Pasen, werd de Heilige Geest uitgestort op hen die bij elkaar waren. Het waren honderdtwintig zielen en zij waren bijeen in het huis, in dezelfde bovenzaal, waar de twaalf ook het Pasen hadden gevierd met Christus Jezus.

Het eerste Heilige Avondmaal en de uitstoring van de Heilige Geest vonden allebei plaats in de bovenzaal van iemands huis, niet in de Tempel en niet in één van de synagogen.

De aanwezigen bij beide gebeurtenissen kwamen samen en handelden de nodige zaken af (Handelingen 1:15-26) en waren bijeen door gezamenlijk gebed, door het zingen van Psalmen en door het delen van brood en wijn… En toen de Heilige Geest uitgestort was en de mensen buiten de bovenzaal in grote verbazing stonden en ontzet waren, nam Petrus het woord en, door de kracht van de Geest predikte hij het evangelie en drieduizend zielen werden aan de vergadering van gelovigen toegevoegd.

Levende stenen

In zijn eerste brief vergeleek Petrus de mensen van de gemeente met levende stenen, die samengevoegd worden tot een geestelijk huis en een heilig priesterschap, terwijl zij offers brengen die voor God, door Jezus Christus aanvaardbaar zijn. (1 Petrus 2:5)

Petrus vergeleek de mensen dus met stenen, die samen de Tempel van God vormen. Elders wordt de gemeente van gelovigen leden van het Lichaam van Christus genoemd (1 Korinthe 12:12-27), terwijl Christus zelf getuigde dat Hij de Tempel van God is, die verwoest zou worden en na drie dagen weer opgericht zou worden (Johannes 2:19)

De gemeente wordt dus door Petrus en Paulus omschreven als een Tempel. Een Tempel niet gemaakt van stenen, mortel en hout, maar een geestelijke tempel, opgetrokken uit vlees en bloed, een tempel bestaande uit vele verschillende leden, ieder met een eigen roeping en functie maar met elkaar, samengevoegd door het hoofd dat Christus Jezus is.

De Tempel

Toen Jezus met Zijn discipelen in Jeruzalem het laatste avondmaal vierden stond er, in het hart van Jeruzalem, een gebouw bekend als de Tempel van Herodes, ook wel de tweede tempel genoemd.

De Bijbel leert ons dat er in de volle geschiedenis van de tijd, zeven Tempels waren, zijn of zullen bestaan. Deze zeven Tempels zijn:

  • De tabernakel, die Mozes door de kinderen van Israël liet bouwen, naar het voorbeeld door God getoond in de hemel. (Exodus 40:33)

  • De Tempel van Salomo (1 Koningen 9:1-23)

  • De Tempel van Herodes (de gerenoveerde en geëxpandeerde tempel die Zerubbabel bouwde in 538 BC, direct na de terugkomst van Juda uit de Babylonische verbanning) (Ezra 6:14-15. John 2:20)

  • De Tempel Gods’ Bouwwerk, dat zijn wij, de gelovigen in Christus (1 Petrus 2:5)

  • De 3e Tempel waar de antichrist zich zal neerzetten, (2 Thessalonicenzen 2:4)

  • De Tempel van het millennium (Ezechiël 40-48) Waarover zelden gesproken wordt

  • De Tempel van God in de hemel (Openbaring 11:19).

Aanbidding op een vaste plaats vervangen door aanbidding overal

In gesprek met de Samaritaanse vrouw in Johannes 4 zegt Jezus dat de tempeldienst in Jeruzalem een aflopende zaak is.

“Jezus zei tegen haar: Vrouw, geloof Mij, de tijd komt dat u niet op deze berg, en ook niet in Jeruzalem de Vader zult aanbidden. U aanbidt wat u niet weet; wij aanbidden wat wij weten, want de zaligheid is uit de Joden. Maar de tijd komt en is er nu, dat de ware aanbidders de Vader zullen aanbidden in geest en waarheid, want de Vader zoekt wie Hem zo aanbidden. God is Geest en wie Hem aanbidden, moeten Hem aanbidden in geest en waarheid. “ (Johannes 4:21-24)

Later beschreef Jezus met nog scherpere woorden dat de plek om God te aanbidden niet langer een bepaalde geografische plek is, maar dat het nu voortaan overal kan.

“Jeruzalem, Jeruzalem, u die de profeten doodt en stenigt wie naar u toe gezonden zijn! Hoe vaak heb Ik uw kinderen bijeen willen brengen, op de wijze waarop een hen haar kuikens bijeenbrengt onder haar vleugels; maar u hebt niet gewild! Zie, uw huis wordt als een woestenij voor u achtergelaten. Want Ik zeg u: U zult Mij van nu af aan niet zien, totdat u zegt: Gezegend is Hij Die komt in de Naam van de Heere!” (Mattheus 23:37-39)

De tempel uw huis niet Zijn Huis

In deze verzen is het opvallend dat Jezus niet langer de Tempel het huis van Zijn Vader noemt (Psalm 69:9 ; Johannes 2:17), maar de tempel “uw huis” noemt. De Vader woont niet in gebouwen van stenen, gemaakt door mensenhanden (Handelingen 7:48), maar in de Zoon die leven geeft. (Johannes 2:19)

Samenkomen in Geest en in Waarheid

Jezus zei tegen de Samaritaanse vrouw:  “Maar de tijd komt en is nu, dat de ware aanbidders de Heere  zullen aanbidden in geest en in waarheid, want de Vader zoekt, wie Hem zo aanbidden.” (Johannes 4:23). Jezus roept de gelovigen niet op om grote kathedralen en gebouwen van steen, mortel en hout neer te zetten, maar op te wandelen in Geest en in Waarheid. Want tegen zulke mensen is geen wet en geen veroordeling. (Galaten 5:18)

Paulus sluit zich hierbij aan in 2 Korinthe 3:9, wanneer hij zegt: ‘Gods’ Bouwwerk bent u!’  wij zijn een geestelijke tempel, gebouwd op het fundament van de apostelen en profeten, waarvan Jezus Christus Zelf de Hoeksteen is. (Efeziërs. 2:20)

God, door Zijn Apostel Petrus, laat het hem zo opschrijven: “..dan wordt u zelf, als levende stenen, gebouwd tot een geestelijk huis, tot een heilig priesterschap, om geestelijke offers te brengen, die God welgevallig zijn door Jezus Christus.”1 Petrus 2:5

Megalomane kerken en mega-kathedralen met focus op mensen en de wereld in plaats van God waren onnodig en zelfs schadelijk, want zij zijn werken van mensen. God heeft hen gewogen en te licht bevonden, lauw en wereld gericht worden ze uitgespuwd, ze hebben hun tijd gehad.

De grote zegen van Corona

Als er iets als grote zegen uit de uitzonderlijke tijd van de afgelopen twee jaren gekomen is, dan is het wel de ontsluiering en ontmaskering die heeft plaatsgevonden.

Ontsluiering van het hart van de ware gelovigen, die elkaar op allerlei wijzen hebben gevonden en vastgehouden hebben aan het getuigenis en het samenkomen, ondanks de restricties en anti christelijke decreten van de leiders van deze tijd, met een hernieuwde liefde voor het Woord en de Aanbidding. Volhardend in gebed en de liefde voor elkaar en verlangend uitziend naar de komst van de Bruidegom.

Ontmaskering van de kerken die de wereld meer liefhebben dan God en de Zoon die zij met hun mond belijden, maar hun hart is ver van Hen.

Zij die de deuren sloten, zij die stopten met zingen, zij die dankbaar waren voor de leugen oplossingen van de wereld, zij die binnenkort de toegang tot hun kerk aan mensen zullen ontzeggen, omdat zij geen gezondheidscertificaat kunnen overleggen.

Tegen deze kerken heeft de Amen, de getrouwe en waarachtige Getuige woorden van oordeel gesproken. Want zij zijn lauw, ellendig en beklagenswaardig (Openbaring 3:14-22)

Zoals het ooit was

De ware gelovigen komen echter nog steeds samen, sommigen in de nog getrouwe kerken, die samenkomen in daartoe gewijde gebouwen, maar meer en meer gelovigen komen samen in de ondergrondse samenkomsten, in de huizen van de gelovigen, zoals het oorspronkelijk bedoeld was. En dat meer en meer, nu de verdrukking exponentieel en wereldwijd toeneemt.

Want er staat geschreven: “waar 2 of 3 in Mijn Naam bijeengekomen zijn, daar ben Ik in hun midden.” (Mattheus 18:20) en is dat niet de gemeente, dat wij gemeenschap hebben met Hem en met elkaar ?

De enige voorwaarde om een verzameling gelovigen een kerk te noemen is dan ook dat Jezus met Zijn Geest in het midden van Zijn Tempel wil wonen. Daarom beveelt Jezus “dat de ware aanbidders de Vader zullen aanbidden in geest en waarheid, want de Vader zoekt wie Hem zo aanbidden.” want “God is Geest en wie Hem aanbidden, moeten Hem aanbidden in geest en waarheid.”

Wat is waarheid ?

De Waarheid is in de huidige tijd steeds verder te zoeken. Niet alleen in de wereld, maar ook in de kerk. Wat is nog waarheid? (Johannes 18:38) Alleen de politieke feiten en ten onrechte zo genoemde “wetenschap” (1 Timotheüs 6:20-21) lijken te tellen.

Het officiële narratief is het enige wat als waarheid lijkt te gelden. Niet de feiten en zeker niet de werkelijkheid gebaseerd op de waarheid van Gods Woord.

Hij Die Zich noemt de Weg, de Waarheid en het Leven, (Johannes. 14:6) staat in de eindtijdkerk van Laodicea op de stoep van hun gebouwen van steen, mortel en hout. Hij staat voor de deur van die kerken en klopt. (Openbaring 3:20) Zij hebben er echter geen plek meer voor Hem. Zij aanbidden een andere jezus en verkondigen een ander evangelie en een andere spiritualiteit heeft zijn plek ingenomen. (2 Korinthe 11:4)

Een andere weg wordt door de wereldse eindtijdkerk van stenen, mortel en hout bewandeld. Het is de groene weg van de nieuwe wereldorde en de “great reset”. Het is allemaal niet in overeenstemming met de bouworde van God, “om het te ordenen en te ondersteunen, door recht en gerechtigheid, van nu aan tot in eeuwigheid. De ijver van de Here zal het doen.” (Jesaja 9:6)

De ware kerk van de eindtijd

Maar de echte kerk van Jezus Christus, opgetrokken uit vlees en bloed, aanbiddend in geest en in waarheid  is feitelijk, simpel en eenvoudig.

Wij zijn een Geestelijk gebouw van levende stenen. Wij vormen heilig priesterschap en brengen geestelijke offers, die God welgevallig zijn door Jezus Christus. (1 Petrus 2:5)

Dat is de ware Kerk en dat is Zijn Lichaam.

Tegen deze kerk zegt de Heilige, de Waarachtige, die de sleutel van David heeft. Die opent en niemand sluit en hij sluit en niemand opent:

“Ik ken uw werken. Zie, Ik heb voor uw ogen een geopende deur gegeven en niemand kan die sluiten, want u hebt weinig kracht en toch hebt u Mijn Woord in acht genomen en Mijn Naam niet verloochend. Omdat u het woord van Mijn volharding hebt bewaard, zal Ik ook u bewaren voor het uur van de verzoeking, die over heel de wereld komen zal, om hen die op de aarde wonen te verzoeken.” (Openbaring 3: 8, 10)