Herkenning van de Tekenen van de tijden, Deel 1 Profetie een belangrijk deel van de Bijbel

Hans Baars
Geschreven door: Hans Baars
20 min leestijd

 “Maar Hij antwoordde en zei tegen hen: Als het avond geworden is, zegt u: Mooi weer, want de hemel is rood; en 's morgens: Vandaag storm, want de hemel is somber rood. Huichelaars! De aanblik van de lucht weet u wel te onderscheiden, en kunt u de tekenen van de tijden niet onderscheiden?” (Mattheüs 16:2-4 HSV) 

Profetie, een belangrijk deel van de Bijbel

Ruwweg één derde van de Bijbel bestaat uit profetieën. Profetieën welke uitgekomen zijn, welke aan het uitkomen zijn en welke nog uit moeten komen. Het bestuderen van de profetieën die nog uit moeten komen in deze laatste dagen noemen wij Eschatologie. 

Waarom is Eschatologie belangrijk ?

Eschatologie is eeuwen lang weggewuifd als onbelangrijk of onbegrijpelijk. Het feit dat het meest profetische boek in de Bijbel, het boek Openbaring het minst bestudeerde boek van de Kerk is, getuigt van het gebrek aan kennis en/of interesse in de woorden van God over de laatste dingen, terwijl er geschreven staat:

de Heere HEERE doet niets tenzij Hij Zijn geheimenis heeft geopenbaard aan Zijn dienaren, de profeten”. Daarnaast leert Jezus ons dat wij ons gereed moeten houden voor Zijn komst

Niet voor niets benadrukte Jezus dat er een correlatie is tussen het herkennen van aankomend goed of slecht weer en het herkennen van de tekenen der tijd.

God heeft ons tevoren dingen openbaart die zullen gebeuren, opdat wanneer zij gebeuren, wij weten dat Hij de volledige controle heeft en dat wij veilig zijn bij Hem, zodat Hij alle lof en glorie ontvangt, zowel in de erkenning dat Hij regeert en een beschermer is van hen die op Hem vertrouwen.

Het belang van de profetieën volgens Jezus

Jezus vond het uitermate belangrijk om de tekenen der tijd te kennen.

Hij nam het de religieuze leiders van Zijn tijd zeer kwalijk dat zij zijn komst niet voorzien hadden en dat zij Hem niet (h)erkenden, terwijl alle tekenen rondom Zijn komst, Zijn werk en Zijn sterven en opstanding, welke in de Schriften uiterst nauwkeurig voorspeld waren, voor hun ogen vervuld werden.

Huichelaars ! noemde Hij hen… Wat zou Jezus vandaag de dag zeggen als Hij een gemiddelde kerk binnen zou lopen ?

Bijbelse profetieën, Gods geopenbaarde klok

Door de tekenen van de tijd te herkennen in Bijbelse profetie kunnen wij waarnemen waar we ons, in relatie tot de wederkomst van Christus, bevinden. Dat was zo in de tijd van Jezus en dat is zo vandaag de dag.

De religieuze leiders van tweeduizend jaar geleden (h)erkenden Jezus niet, terwijl Jesaja en de Psalmen en vele andere profetieën, zo duidelijk over Hem spraken.

Zij voorspelden Zijn komst, Zijn werken, Zijn leven en Zijn sterven in nauwkeurige details. Deze leiders hadden Jezus moeten (h)erkennen, maar dat deden zij niet, terwijl zij de letter van de Schriften wel kenden. Zij geloofden echter niet in datgene wat voorzegt was. Jezus zei hierover: “U onderzoekt de Schriften, want u denkt daardoor eeuwig leven te hebben, en die zijn het die van Mij getuigen. En toch wilt u niet tot Mij komen opdat u leven hebt. (Johannes 5:39-40)”

Profetie, Bijbelse waarschuwingen voor onze tijd

Meer dan eens wordt in de Bijbel gewaarschuwd dat we moeten waken en wakker moeten zijn om de komst van Jezus niet te missen.

Jezus die terugkomt om Zijn Bruid, (de ware gelovigen), op te nemen en met zich mee te voeren naar Zijn Vaders huis.

Maar hoe moeten wij waken, als wij de tekenen niet kennen welke Zijn aanstaande komst proclameren ?

De profetieën zijn ons gegeven om te bestuderen, zodat wanneer wat voorspeld is gebeurt, wij weten dat het waar is en, om onze verwachtingen erop af te stemmen. (Johannes 5:39) en om Zijn Hand te zien in wat er (gaat) gebeuren, zodat wij niet angstig zijn maar omhoog kijken (Lukas 21:28)

De profetieën zijn niet voor niets gegeven. Juist aan al die profetieën die inmiddels zeer nauwkeurig zijn uitgekomen, weten we dat de bijbel de waarheid verkondigt. We kunnen er niet omheen dat ook de profetieën over de laatste dagen, die nog niet zijn uitgekomen, met zekerheid uit zullen komen.

Het is daarom zo belangrijk, dat de kinderen van God, zij die Jezus volgen in waarheid en vrucht dragen, deze profetieën kennen en er hoop uit putten. Daarom moeten wij de Bijbel bestuderen en overpeinzen wat wij daarin lezen.

Leven wij in de laatste dagen ?

Er staan in de bijbel zeer veel profetieën betreffende de laatste dagen ofwel het einde der tijden. Maar, zijn dit dan de laatste dagen ?

Velen zeggen van niet en zij argumenteren dat het al tweeduizend jaar is sinds Jezus is gekruisigd en alles gaat sindsdien gewoon zijn gang.

Echter, het feit dat dit een veel gehoorde reactie is, is op zichzelf al een teken van de eindtijd en wordt in een profetie voorspeld.

In 2 Petrus 3:3-4 staat: “Dit moet u allereerst weten, dat er in het laatste der dagen spotters zullen komen, die naar hun eigen begeerten zullen wandelen en zeggen: Waar is de belofte van Zijn komst? Want vanaf de dag dat de vaderen ontslapen zijn, blijven alle dingen zoals vanaf het begin van de schepping.”

Het feit dus dat er veel spotters zijn, die ongelovig spotten met het uitblijven van Zijn komst, omdat hun begeerte niet op Zijn komst gericht is, en omdat zij de dingen van de wereld die zij in hun hart begeren, is op zichzelf een duidelijk bewijs dat wij aan het einde van de tijden zijn gekomen.

God heeft echter in Bijbelse profetie duidelijke aanwijzingen gegeven over het moment van de voleindiging van alle dingen, van de wederkomst van Jezus Christus en van de gebeurtenissen.

Deze profetieën kunnen wij op diverse manieren onderverdelen, in doelgroepen (voor wie is de profetie bestemd) en in profetie vormen (bijvoorbeeld: letterlijke voorspellingen, analogieën en verholen beschrijvingen).

Letterlijke profetie

Een letterlijke profetie was bijvoorbeeld de komst van koning Cyrus (Jesaja 45), die het bevel deed uitgaan om Jeruzalem en de tempel daarin te herbouwen.

Een andere letterlijke profetie is te vinden in de Psalmen en in de woorden van de profeet Jesaja, over de Messias, waar wij een gedetailleerd en letterlijk verslag lezen aangaande het lijden van Christus Jezus. (Jesaja 53, Psalm 22)

Analogische profetie

Een analogische profetie is te vinden in het verhaal van Noah en zijn familie, die als enigen uit het grote oordeel gered werden, terwijl Enoch voor hen levend opgenomen werd in de hemel. Een andere analogie is het verhaal van Lot, die uit het oordeel van de stad weggenomen werd, omdat hij rechtvaardig bevonden was. Beiden zijn een verhaal van oordeel over de ongelovigen en de redding van de gelovigen uit het midden van de verdrukking.

Weer andere analogieën zijn te vinden in het verhaal over de uittocht en de omzwerving van Israël in de dagen van Mozes, In het verhaal van het paaslam, de koperen slang op de paal en de wolk kolom die voor het volk uit ging.

Verholen profetie

Verholen profetie vinden wij overal in de Bijbel. Het zijn die profetieën die letterlijk klinken, maar niet letterlijk kunnen zijn, omdat zij dingen beschrijven die niet bestaan. Een voorbeeld is het beest met de tien horens in het boek Openbaring. Dit beest bestaat niet, maar wordt geprofeteerd. Het is een analogie voor iets anders, het is verholen, opdat alleen zij het kunnen zien aan wie God het wil openbaren (Mattheus 13:10-17)

Wij zullen hierna van elke profetische categorie één profetie kort en bondig uitpakken, zodat er een beeld ontstaat van de tijd waarin wij leven, opdat wij onze blik omhoog richten, omdat Christus heeft gezegd dat wanneer gebeurt wat wij nu zien gebeuren, onze redding zeer nabij is. (Lukas 21:28)

Duizend jaar is als een dag, Gods analogische boodschap aan de schepping

Als wij het scheppingsverhaal in Genesis lezen, dan weten wij dat God de schepping in precies zes dagen voltooid heeft en op de zevende dag ruste Hij van al zijn werken. Maar heeft u er wel eens bij stil gestaan waarom God dat in zes dagen deed en niet in acht of in twee of in een ondeelbaar ogenblik van de tijd ? Want voor God, die Almachtig is, was dat niet moeilijker geweest.

Toch maakte God alles in zes dagen en op de zevende dag ruste Hij van al Zijn werken. Hierover zijn veel dingen te zeggen, maar voor nu wil ik mij concentreren op die zes dagen en die zevende dag en realiseer ik mij dat de Apostel Petrus in 2 Petrus 3:8 schreef dat voor God, duizend jaar is als één dag… Petrus schreef dit in het stuk waar hij uitleg geeft over de terugkeer van Jezus.

Deze bewustwording is van belang, want, volgens de Joodse jaartelling, welke telt vanaf de schepping van de aarde, is de aarde op enkele honderden jaren na zesduizend jaar oud en wij geloven dat ons nog een rust wacht van duizend jaar in het Messiaanse millennium. Ziet u de overeenkomst ? Het zesdaagse scheppingsverhaal en de zevende rustdag zijn een analogische profetie voor de complete tijdlijn van de Schepping tot het oordeel en het Messiaanse millenium.

Leggen wij dan de dagen van de week over de periodes van duizend jaren van het bestaan van de wereld, dan was de schepping op maandagochtend, kwam Jezus op woensdagavond/donderdagochtend en leven wij nu op vrijdag in de late namiddag, vlak voor de start van de Sabbat… vlak voor de start van het Messiaanse Millennium, waarin wij uitkijken naar die rustdag en Zijn komst.

De jaarweken van Daniel, Gods letterlijke boodschap aan het volk Israël

In het boek Daniël lezen wij een profetie over de zeventig jaarweken, bepaald over het Joodse volk en over hun land en over hun stad Jeruzalem. Dit is een letterlijke profetie die woord voor woord uitkomt

Zoals geschreven staat:

Zeventig weken zijn er bepaald

over uw volk en uw heilige stad,

om de overtreding te beëindigen,

de zonden te verzegelen,

de ongerechtigheid te verzoenen,

om een eeuwige gerechtigheid tot stand te brengen” (Daniël 9:24)

De profetie wordt onomstotelijk geduid als een profetie over het Joodse volk en over hun heilige stad (Jeruzalem). Dit is van belang omdat wij moeten weten waar de profetie vervuld gaat worden.

Als wij verder lezen dan zien wij dat er negenenzestig weken zijn vanaf de herbouwing van Jeruzalem (na de Babylonische ballingschap, op bevel van koning Cyrus) tot aan de dood van de Messias (de Christus)

Er staat geschreven in Daniël 9:25-26:

…. vanaf de tijd dat het woord uitgaat

om te laten terugkeren en om Jeruzalem te herbouwen

tot op Messias, de Vorst, verstrijken er zeven weken

en tweeënzestig weken.

Plein en gracht zullen opnieuw gebouwd worden,

maar wel in benauwde tijden.

Na de tweeënzestig weken zal de Messias uitgeroeid worden,

maar het zal niet voor Hemzelf zijn.

De Messias die uitgeroeid wordt, maar niet voor Hemzelf, dat is Jezus de Christus, die Zijn leven gaf als verzoening voor de zonden van hen die in Hem geloven.

God stopt de profetische zeventig weken klok voor het Joodse volk echter na het offer van Christus Jezus, en in het jaar zeventig wordt het Joodse volk uit zijn land verbannen door de Romeinse overheersers en zij keren pas weer terug in onze moderne tijd… in het jaar 1948.

Toch is de klok van de laatste zeven jaar (laatste jaarweek) niet gaan lopen in 1948. Waarom niet ? Het antwoord is dat het Joodse volk haar land wel ten dele terug heeft gekregen, maar het herstel nog niet compleet was, zij had haar stad Jeruzalem nog niet terug ontvangen.

In Juni 1967 werd Jeruzalem, na een korte maar hevige strijd, terug gebracht aan het Joodse volk, inclusief de tempelberg. De stad en het land en het volk waren voor een kort moment herenigd.

Echter, in een onbegrijpelijke omslag werd het zeggenschap over de Tempelberg overgegeven aan de Jordaanse autoriteiten. De hereniging bleef incompleet…

Tot heden is dit de status quo. Het land en de stad zijn van het Joodse volk, maar de tempel ontbreekt en nog staat de profetische zeventig jaarweken klok stil.

Ik geloof dat die klok weer gaat lopen op het moment dat het Joodse volk de autoriteit over de Tempelberg herneemt en de Tempel gaat bouwen. (Daniël 9:27)

God gebruikte de periode van het jaar zeventig tot nu toe, de periode tussen de negenenzestigste en de zeventigste jaarweek om een volk te roepen uit elke stam en taal en natie, een volk welke Hij Zijn Bruid noemt.

Hiertoe zijn de Apostelen door Jezus de wereld in gestuurd en hiertoe is bijna tweeduizend jaar het Evangelie in de kracht van de Geest van God, over de gehele wereld gepredikt.

Het beeld van Daniël, een verholen boodschap aan de kinderen van God in de laatste dagen

In het tweede hoofdstuk van het boek Daniël lezen wij over koning Nebukadnezar, die van Godswege een droom heeft. In deze droom ziet hij een beeld, deels van goud, deels van zilver, deels van brons, deels van ijzer en deels van ijzer gemengd met leem. Het was een vreemde droom en de koning was erdoor zeer ontdaan. Niemand kon de koning de droom uitleggen, waardoor de koning erg boos werd.

God openbaarde de betekenis van de droom echter aan Daniel en aan zijn drie vrienden, in een nachtelijk visioen, waardoor hij de droom wel kon uitleggen.

Daniel legde uit dat het beeld de totale wereldheerschappijen laat zien, vanaf koning Nebukadnezar, tot aan het laatste rijk, dat door Christus vernietigd zal worden.

Elke metaalsoort was een ander rijk, het hoofd van goud was het rijk van Nebukadnezar, de borst en twee armen waren het rijk van de twee koninkrijken van Medië en Perzië, het derde rijk was van brons welke het rijk van Alexander de grote uitbeeldde.

Daarna kwam er een rijk van ijzer, sterk en verbrijzelend. Dat rijk was het Romeinse rijk, die het voorgaande Griekse rijk verdrong.

De voeten en de tenen, van ijzer gemengd met leem (klei) vormen het laatste menselijke koninkrijk op aarde, deels hard als ijzer, deels zacht en broos als pottenbakkersklei. Eén geheel, en toch verdeelt tegen zichzelf, zoals ijzer en leem niet mengen.

Aan de oppervlakte lijkt dit een profetie waar geen touw aan vast te knopen is, het is een verholen profetie, zeker voor de tijd waarin deze uitgesproken werd, toen er nog geen sprake was van een Grieks, laat staan een Romeins rijk.

Het was, laten wij zeggen, niet direct toepasbaar voor koning Nebukadnezar… en dat was ook niet het doel van deze profetie.

Dat de profetie echter uitgekomen is en nog steeds uitkomt tot aan de wederkomst van Christus is evident als wij ook maar een basis inzicht in de geschiedenis hebben.

Babylon, Het eerste koninkrijk, het hoofd van goud (605 BC-562 BC)

De verholen profetie begint met een uitleg van het eerste beeld, Daniël zegt: het eerste koninkrijk, koning Nebukadnezar… dat bent u !

Nebukadnezar was koning van het Babylonische rijk, welke zich uitstrekte over hedendaags Turkije, Irak, Iran, Syrië, Jordanië, Israël , Noord Saudi Arabië en Egypte.

Medio-Perzië, Het tweede koninkrijk, een borstkast met armen van zilver (522 BC- 486 BC)  

Na Nebukadnezar en zijn Babylonische rijk stond een tweede koninkrijk op, dat van Darius de Meder. Zijn koninkrijk was dat van Medië en Perzië, twee koninkrijken samengesmolten tot één geheel. Het was een gigantisch rijk, welke zich uitstrekte van de noord west kant van India tot de oostkust van Griekenland.

Na Darius stond Cyrus de grote op, als heerser van Medio Perzië. Hij was het die het bevel deed uitgaan om de Tempel en Jeruzalem te herbouwen. (Daniël 9:25; Jesaja 53)

Griekenland, het derde koninkrijk, de lendenen van brons (330 BC -323 BC)

Onder het bewind van de jonge Alexander de grote, leerling van de filosoof Aristoteles, behaalt Griekenland grote overwinningen naar het oosten en veroveren zij vrijwel het gehele rijk van Medië-Perzië en dringen zij dieper de binnenlanden van India in. Op het hoogtepunt van zijn macht sterft Alexander echter op jonge leeftijd, zonder erfgenamen. Zijn koninkrijk wordt verdeeld onder zijn vier gezaghebbers (Daniel 8:8).

Rome, het vierde koninkrijk, de benen van ijzer en de voeten en tenen van ijzer gemengd met leem (509 BC-1453 AD / heden)

De datering van het Romeinse rijk is lastig, omdat het Romeinse rijk in diverse vormen bestaan heeft vanaf de tijd van koning Darius in Medië-Perzië, tot aan de tegenwoordige tijd. De hierboven genoemde tijdspanne betreft de start, als Romeinse republiek in 509 BC tot de vernietiging van het Byzantijnse-Oost Romeinse rijk door het Turks-Ottomaans rijk in 1453.

Het Romeinse rijk is daarmee het langst bestaande rijk ooit.

Het is opvallend dat de profetische beeldspraak over de benen van ijzer in het Romeinse rijk ook daadwerkelijk uitgebeeld zijn.

In 395 AD werd het Romeinse rijk namelijk opgedeeld in een oostelijk (Byzantijns) en een westelijk (Romeins) rijk.

Wij kunnen stellen dat het Romeinse rijk ook in een andere vorm door de geschiedenis heen heeft overleefd, en nog steeds door leeft, in de vorm van het wereldomvattende rijk van het Katholicisme, maar ook in de vorm van de verscheidene herlevingen van het Romeinse rijk (Heilige Romeinse rijk van 806 AD -1806 AD, het Nazisme onder Hitler 1932 AD-1945 AD en de Europese Unie 1957 AD-Heden). In al de herlevingen van het Romeinse rijk is opvallend dat zij nooit meer de samenhang hebben weten te behalen welke het Romeinse rijk ooit had. Zij zijn als ijzer en leem, zij kunnen niet mengen.

Daarom geloven wij dat wij ons bevinden in dat koninkrijk van ijzer en leem, waar, volgens de profetie in het boek Daniël, abrupt een einde gemaakt wordt door de komst van Jezus Christus.